Het boek ‘zicht op de les’ is in 2024 uitgekomen bij uitgeverij Pica. Het boek is geschreven om de leskwaliteit te verhogen. Een recensie bij dit boek…
Zicht op de les
Over het boek
Het voorwoord in dit boek is geschreven door Daniel Muijs, Head of School van Queen’s University in Belfast. Hij herhaald de stelling dat de kwaliteit van het onderwijs valt en staat met de kwaliteit van de leraar. Hij stelt dat het belangrijk is om de leraar te ondersteunen en zorg te dragen voor hun professionele ontwikkeling, aangezien de kwaliteit van het onderwijs valt en slaat met de kwaliteit van de leraar. Men kan zich alleen verbeteren als er kwalitatieve feedback wordt gegeven. Resultaten, vragenlijsten en observatie zijn manieren om leskwaliteit te meten.
De primaire doelgroep voor het boek zijn schoolleiders, intern begeleiders, kwaliteitscoördinatoren, expert-leraren en schoolopleiders.
Het boek bestaat uit negen hoofdstukken.
Inhoud van het boek
In het eerste hoofdstuk wordt beschreven wat verstaan wordt onder leskwaliteit. Door feedback te geven op de lessen, kan het handelen van de leerkracht worden verbeterd en kunnen de leerprestaties van leerlingen omhoog gaan. Het is belangrijk dat je bepaalt wat je wilt meten.
Het tweede hoofdstuk zoomt in op het belang van de leerkracht. Effectieve leraren zorgen voor de juiste leervoorwaarden: een positief lesklimaat, effectief klassenmanagement, duidelijke instructie met afstemming op verschillen en hoge verwachtingen van de leerlingen. Leraren moeten zich tijdens de les steeds bewust zijn van wat leren is en elke keer de juiste bouwstenen te kiezen. Zowel de verwachtingen die leraren hebben over bepaalde groepen leerlingen als de overtuiging van hun eigen kracht om het leren van leerlingen daadwerkelijk te ondersteunen, blijken een sterke voorspeller voor het handelen van de leraar en dit heeft effect op het leren van leerlingen.
In het derde hoofdstuk wordt beschreven dat je observeren moet leren. Het is verstandig om met een observatie altijd de klas in te gaan met een observatieinstrument waarmee je je meetdoel kunt meten. Het scoringsinstrument moet duidelijke scoringsregels hebben. Het is van belang te beseffen dat een observatie altijd onderhevig is aan onnauwkeurigheid en onbetrouwbaarheid, omdat het geen harde data betreft.
Uit onderzoek blijkt dat de grootse betrouwbaarheid ontstaat bij tenminste vier lesobservaties en vier observatoren.
Het vierde hoofdstuk geeft het belang van een nagesprek aan. Ook worden andere meetmethodieken benoemd, zoals leerling perceptievragenlijsten, leerling resultaten en AI. Het combineren van meerdere meetmethoden geeft een rijker en completer beeld.
In het vijfde hoofdstuk wordt beschreven waarom data een belangrijke bron kunnen zijn van informatie op basis waarvan effectievere of efficiëntere beslissingen worden genomen dan wanneer dit gedaan wordt op intuïtie. Verschillende vormen van data worden beschreven en hoe je data-geïnformeerd kunt werken en hoe je leskwaliteit op schoolniveau kunt analyseren.
Het zesde hoofdstuk beschrijft hoe je op een duurzame manier de leskwaliteit verbetert en welke randvoorwaarden hiervoor noodzakelijk zijn.
In het zevende hoofdstuk wordt beschreven hoe de veranderingen kunnen worden verankerd en hoe ze zichtbaar kunnen blijven in de dagelijkse praktijk, ook wanneer de verbetering of interventie minder nadrukkelijk aandacht krijgt.
Het achtste hoofdstuk richt zich op AI en beschrijft dat dit kansen biedt, wanneer AI op de goede manier wordt ingezet. Wel is het belangrijk om te beseffen dat privacy in gevaar kan komen en we dus verantwoord om moeten gaan met AI. Ook moet te output van AI altijd kritisch worden bekeken en beoordeeld.
Het negende en laatste hoofdstuk beschrijft toezicht op de leskwaliteit, de inspectie heeft de wettelijke taak om toe te zien op de kwaliteit van het Nederlandse onderwijs. Dit doen ze door een aantal kwaliteitsgebieden. Voor de inspectie zijn besturen het primaire aandachtpunt als het gaat om het waarborgen van de kwaliteit van de scholen.
Mijn mening
De eerste hoofdstukken van het boek vond ik heel waardevol. Ze hebben me weer kritisch laten nadenken over de groepsbezoeken die ik uitvoer en hoe ik als intern begeleider waardevollere groepsbezoeken kan doen en daarmee de leskwaliteit van mijn collega’s kan versterken. Het gebruiken van duidelijke observatie instrumenten, het doen van meerdere observaties en het bekijken van resultaten en met al deze informatie het gesprek voeren vind ik na het lezen van dit boek belangrijk. Nu nog inplannen, zodat ik hier ook daadwerkelijk tijd voor heb. Hoofdstuk 6 tot en met 9 hadden voor mij wat minder waarde.
Boekgegevens
Titel: Zicht op de les
Ondertitel: Het meten en verbeteren van leskwaliteit in het onderwijs
Auteur: Hannah Bijlsma
Uitgeverij: Pica